Kostenbesparen bij de regiotaxi zonder dat de kwaliteit van het vervoer in geding komt; het is mogelijk. Veel gemeenten hebben in de loop der jaren de Wmo-regeling uitgebreid met allerlei extra’s. Nu budgetten onder druk staan valt het te overwegen de Wmo-voorziening weer te benutten voor waar het oorspronkelijk voor bedoeld was.
Menig gemeente kampt met een dreigend tekort binnen het Wmo-budget. Hierdoor staat de uitvoering van de regiotaxi onder druk. De kosten voor zowel het Wmo- als OV-gebruik van de regiotaxi zijn vaak aanzienlijk. Trends zoals vergrijzing en de toenemende vraag naar zorgvervoer maken het waarschijnlijk dat in de toekomst de kosten nog zwaarder zullen drukken op de kwaliteit van de uitvoering. En dat terwijl de dagelijkse praktijk aantoont dat het lastig is regiotaxi goed uit te voeren en de Wmo-doelgroep een bijzondere kwetsbare groep is. Niet voor niets heeft de regiotaxi vaak een slecht imago.
De aanbestedingen van de laatste jaren hebben aangetoond dat er niet veel rek zit in verdere verlagingen van de inkoopprijs per regiotaxi-zone. In regio’s waar een aanzienlijk lagere prijs uit de aanbesteding komt, lukt het vaak niet om op een aanvaardbaar niveau het Wmo-vervoer uit te voeren. Gelukkig is er vaak aan de inkomstenkant wel wat te doen en zijn in veel gemeenten extra vergoedingen buiten de Wmo om aan de regiotaxiregelingen toegevoegd die mogelijkheden tot besparingen bieden. Zo krijgen soms 65+ers en minima direct een regiotaxipas en betaald een Wmo-reiziger die een rolstoel heeft wel het normale OV tarief, maar is de vergoeding voor deze zone tweemaal zo hoog. 
Geen opmerkingen:
Een reactie posten