woensdag 16 februari 2011

Minder regiotaxi, meer fietsen


  • 87% van de verstandelijk gehandicapte vrouwen heeft overgewicht;
  • ongeveer 33% van de reizen met de regiotaxi heeft een lengte van slechts één zone;
  • veel OV authoriteiten overwegen BDU-gelden voor de regiotaxi te verminderen om regulier OV te behouden.
Deze drie ingredienten combinerend komt een ding bij mij op: fietsen.

Stimuleer fietsen onder ouderen en Wmo-geindiceerden. Dit houdt hen vitaal en verruimt hun mogelijkheden aan de maatschappij deel te nemen. Meer fietsen betekend minder kosten voor regiotaxi.Natuurlijk kunnen niet alle huidige regiotaxireizigers in plaats van met de regiotaxi te reizen zich naar de bestemming per fiets begeven. Toch is er wellicht meer mogelijk dan menigeen denkt.

Tegenwoordig zijn er veel soorten fietsen op de markt die zich goed lenen voor ouderen of gehandicapten:
Fiets met extra lage instap en geringe hoogte van zadel tot straat.

Driewiel fiets


Elektrische driewielfiets met wielen voor zodat je breedte kan inschatten

Tandem met drie wielen voor extra stabiliteit


Fiets waarop rolstoel vervoerd kan worden.
Een snelle analyse van de rittenbak van Regiotaxi De Vallei uit 2007 laat zien dat ongeveer een derde van de ritten niet langer is dan één zone. Meer dan de helft van de ritten vindt plaats binnen de gemeente. Ritten die in principe goed te fietsen zijn. Maar is dit ook zo voor de doelgroep? Het kenmerk van Wmo vervoer is immers dat dit voor mensen is die zich minder makkelijk kunnen verplaatsen. Meestal is de grondslag van indicatie dat men niet 800 meter (naar de dichtst bij gelegen OV-halte) kan lopen.

Dé oudere of gehandicapte bestaat niet
Grofweg is het Wmo vervoer bedoeld voor ouderen en gehandicapten. Bij ouderen heb je een grote groep die zich echt niet goed anders dan met de regiotaxi kan verplaatsen. Toch zal er ook een substantieel deel zijn die de regiotaxi verkiest omdat er geen halte in de nabijheid is, ze onzeker zijn over OV gebruik of het gemak van de regiotaxi waarderen.  Bij gehandicapten zal er een grote groep zijn die zich niet zelfstandig op de fiets kan verplaatsen (bijvoorbeeld blinden) of dit verstandelijk niet kunnen. Als je binnen zorginstellingen komt, zie je dat er toch een behoorlijk deel van de bewoners is die zich wel per fiets over het terrein bewegen.

3% uit regiotaxi op de fiets
Stel dat bij zowel ouderen als gehandicapten ongeveer 20% van de Wmo reizigers zich wel per fiets kan verplaatsen en dat 50% hiervan voor een derde van de reizen dit zou doen. Dan worden ongeveer 3% van de verplaatsingen per regiotaxi omgezet in verplaatsingen per fiets. Dat lijkt niet veel, maar als je je bedenkt dat bijvoorbeeld Regiotaxi Gelderland maandelijks circa 135.000 ritten rijdt, dan betekend dit dat er ongeveer 4.000 ritten per maand worden gefietst in plaats van met de regiotaxi gereisd. Een besparing van ongeveer € 28.000 per maand en ruim € 300.000 per jaar. Dit geld kan je de eerste jaren gebruiken om de drempel tot aanschaf van een aangepaste fiets te verlagen en voor het uitvoeren van een marketingcommunicatiecampagne. Het eerste jaar speel je quitte en de daarop volgende jaren pluk je de vruchten; minder uitgaven en tevreden en vitale ouderen en gehandicapten

maandag 7 februari 2011

Review mobiliteitsvoucherregeling

Met de mobiliteitsvoucherregeling poogt Agentschap.nl het good old vervoerplan een revival te geven. Hiermee heeft het Agentschap de markt van mobiliteitsadviseurs aardig opgeschut, maar wanneer gaan we echt van vervoermanagement naar mobiliteitsmanagement? 

40.000 MKB bedrijven, een deel daarvan gaat mobiliteitsmaatregelen implementeren.  Tenminste als het aan Agentschap.nl ligt, die in juli 2010 de mobiliteitsvoucherregeling introduceerde.  Een MKB bedrijf ontvangt in de voucherregeling € 1.500 om een scan uit te laten voeren, voor het implementeren is vervolgens € 4.500 beschikbaar.

3 Miljoen in Voucherregeling
Is de € 3 miljoen die in de voucherregeling wordt gestoken goed besteed geld? In ieder geval heeft de markt voor mobiliteitsadviseurs goed gereageerd. Juli vorig jaar hadden 100 adviseurs een accreditatie aangevraagd, inmiddels zijn dit er 180. Veel adviseurs hebben zich gebundeld en flink geïnvesteerd in het ontwikkelen van een goede scan. 
Op 2 februari presenteerde mobiliteitsscan.nl en Axxel wat zij tot dusver hebben ontwikkeld. Ik moet zeggen; het zag er goed uit. Complete via internet in te vullen vragenlijsten, gelikte grafische presentaties, een uitgewerkte rapportage. En zelfs benchmarks om bedrijfsgegevens tegen af te zetten.  Eigenlijk zijn dit tools die de oude vervoercoordinatiecentra, of huidige opvolgers daarvan, allang ontwikkeld hadden moeten hebben. Los van of een MKBer op een rapport van 40 pagina’s zit te wachten, is dat dus een goed neveneffect van de nieuwe regeling.

Geen businesscase
Minder is de regeling tot dusver voor de mobiliteitsadviseur. Na ruim een half jaar en met –zonder verlenging- nog maar 4 maanden te gaan, zijn er door de 180 adviseurs in totaal 160 MKB vouchers afgenomen. 160 bedrijven hebben een advies gekregen. Dat is een boel ontwikkeling- en acquisitiekosten voor een relatief gering aantal adviezen. Robert Mares van Mobiliteitsscan.nl gaf openhartig inzage in zijn business case. Eigenlijk geen businesscase: Mobiliteitsscan.nl heeft 12 scan uitgevoerd, per scan zijn de kosten in uren en inkoop € 2.300 en opbrengsten € 1.500. In totaal hebben zij zeker € 30.000 geïnvesteerd in ontwikkelings- en acquisitiekosten. Dat zal Mobiliteitsscan.nl zo niet terugverdienen in de komende maanden, of de regeling moet worden verlengd en kunnen er ook meerdere implementatietrajecten worden uitgevoerd.

Deja Vu
Begin jaren ’90 was er in Nederland subsidie om vervoersplannen te maken. Grote aantallen vervoerplannen zijn toen gemaakt, die grotendeels in de la belandden. Ik hoop dat dit nu anders gaat, maar of adviesrapporten aan het MKB een sterk recept zijn vraag ik mij af. In feite blijven we in Nederland toch steken in het oude vervoermanagement. We noemen het nu alleen anders.

dinsdag 1 februari 2011

AWBZ vervoer naar gemeenten

Kabinet Ruttte heeft aangekondigd dat het AWBZ vervoer, dat op dit moment onder verantwoording van de gezondheidsinstellingen wordt uitgevoerd, wordt overgeheveld naar de Wmo. Het AWBZ vervoer valt dan ook onder de verantwoordelijkheid van de gemeente. Je kan je afvragen of dit wel verstandig is.

Op het eerste gezicht lijkt efficiëncywinst te behalen door vervoer van kwetsbare doelgroepen samen te voegen. De resultaten uit de pilot bundeling doelgroepenvervoer lieten echter zien dat de mogelijkheden voor bundeling van verschillende typen doelgroepenvervoer in de praktijk minder goed mogelijk is dan op papier was uitgedacht.

Zorgvervoer professionaliseert
Er komen steeds meer AWBZ instellingen die zelf het vervoer in eigen hand nemen. Deze trend zal verder doorzetten, want zorgvervoer blijkt een sterke invloed te hebben op het primaire proces van zorginstellingen. Een tendens tot het insourcen van zorgvervoer is zichtbaar. De professionaliteit bij zorginstellingen t.a.v. zorgvervoer (AWBZ) neemt toe. Steeds meer zorginstellingen beschikken zelf over vervoersplanningssoftware of contracteren vervoersregisseurs hiervoor.

AWBZ vervoer is niet regiotaxivervoer
De kenmerken en kosten van regiotaxi maakt dit systeem minder geschikt om contractvervoer mee uit te voeren. Regiotaxi is een luxe en flexibel systeem, terwijl het AWBZ vervoer gekenmerkt wordt door regelmaat. Voor bijvoorbeeld verstandelijk gehandicapten is het juist belangrijk dat de taxibus op het afgesproken tijdstip verschijnt, dat ze de chauffeur kennen en dat er zo weinig mogelijk onregelmatigheden zijn in de reis. Dit is goed af te spreken met een vervoerder tegen een –ten opzichte van de regiotaxi- lage prijs. Dit betekend dat gemeenten niet gebruik kunnen maken van de regiotaxi  contracten voor uitvoering van het AWBZ vervoer. Ze moeten dit zelf gaan uitbesteden en uitvoeren. Maar willen gemeenten dit wel? Gemeenten nemen vaak deel aan een regiotaxisysteem van provincies of regio’s. De aanbesteding en aansturing wordt gemeenten dan uit handen genomen.

Wat te doen
Per 2014 moet de overheveling van zorginstelling naar gemeente afgerond zijn. gemeenten moeten de komende jaren dus benutten om dit goed voor te bereiden. Hierbij is het raadzaam om eerder een combinatie te leggen met het leerlingenvervoer dan met het Wmo-vervoer. Ondanks dat deze laatste dezelfde doelgroep betreft. Leerlingen heeft dezelfde kenmerken van contractvervoer als AWBZ vervoer.
Optimaal is het om de aanbesteding en uitvoering van het vervoer door de zorginstelling te laten verzorgen. De zorginstelling is bij uitstek in staat om op maat afspraken te maken met vervoerders en het vervoeraanbod op de dagelijkse veranderingen af te stemmen.


donderdag 13 januari 2011

Gebruik Wmo-regeling waarvoor het bedoeld is (Kostenreductie regiotaxi deel 3)









Gemeenten moeten bezuinigen, waardoor Wmo-regelingen onder druk komen. Als adviseur zie je soms dat gemeenten proberen te besparen op de inkoopprijs waardoor de kwaliteit van vervoer in geding komt. In de loop der jaren hebben veel gemeenten de Wmo-regeling uitgebreid met allerlei extra's, dit biedt betere kansen om, als het echt nodig is, de kosten te reduceren.

Vereenvoudig Wmo-regeling
Wmo-regelingen zitten vaak ingewikkeld in elkaar. Dit komt mede doordat er in de loop der tijd veel uitzonderingsregels in zijn geslopen. Iemand die getrouwd is krijgt dan bijvoorbeeld minder dan een ongetrouwde Wmo-er en ook het al of niet gedeeltelijk van het OV gebruik kunnen maken is van invloed op de hoogte van de vergoeding. Vaak ontstaan zo een groot aantal uitzonderingscategorieën die slechts op kleine groepjes mensen van toepassing zijn. Terugbrengen tot een of enkele categorieën is duidelijker voor de burger en verminderd de administratieve druk.

Afschaffen uitzonderingscategoriën
De vele fitte senioren die uitstekend hun weg vinden in het openbaar vervoer tonen aan dat het niet vanzelfsprekend is om iedereen vanaf 65 jaar een Wmo-voorziening te geven. Toch gebeurt dit wel in sommige gemeenten. Evenals het tegen gereduceerd tarief van de regiotaxi gebruik laten maken door minima. Een sympathiek gebaar, maar wel erg duur, als je je bedenkt wat de regiotaxi de gemeenschap per kilometer kost. Daarnaast worden soms vergoedingen betaald die niet door kosten gerechtvaardigd worden. Zo betalen sommige gemeenten rolstoelgebruikers een dubbele Wmo-vergoeding terwijl deze rolstoeler in de regiotaxi even duur uit is als en reguliere Wmo-er. In andere gevallen krijgt men een vergoeding voor een begeleider, terwijl contractueel met de vervoerder is bedongen dat die gratis mee man.
Het terugdraaien van dergelijke luxe regelingen zal zeker tot stevige weerstand leiden.  Maar als afgewogen moet worden tussen het terugdraaien van deze regelingen of het korten van Wmo-ers die echt afhankelijk zijn van een goede regiotaxi voorziening, dan is de keuze wellicht snel gemaakt.

woensdag 12 januari 2011

Regiotaxi of Persoonsgebonden Budget (Kostenbesparing regiotaxi deel 2)







Als adviseur zie je soms dat gemeenten ervoor kiezen om Wmo-ers geld te geven om in hun vervoerbehoefte te voorzien, ze verschaffen dan een PGB. Dit kost gemeenten veel geld. Slimmer is regiotaxi aan te bieden als voorliggende voorziening.

Gemeenten moeten mensen die onder de Wet Maatschappelijke Ondersteuning vallen compenseren voor de meerkosten die zij moeten maken doordat zij minder goed met het openbaar vervoer kunnen reizen. Wmo-ers moeten met deze vergoeding ongeveer 1500 kilometer per jaar kunnen reizen. Een gemeente kan kiezen tussen het aanbieden van een vervoersvorm (meestal regiotaxi) of het direct aan de Wmo-er verstrekken van een bedrag waarmee deze zelf vervoer in kan kopen. In het eerste geval biedt de gemeente een voorliggende voorziening, in het tweede gaat het om een PersoonsGebonden Budget (PGB).  


Het is niet vreemd dat als je googled op 'Persoonsgebonden 
Budget vervoer' bovenstaande foto wordt weergegeven.
Een gemeente die Wmo-vervoer in de vorm van een PGB aanbiedt is vaak dief van zijn eigen portemonnee. Uit de projecten die ik voor gemeenten hebben uitgevoerd blijkt dat de gemiddelde kosten per Wmo geïndiceerde bij gemeenten waar een PGB wordt aangeboden aanmerkelijk hoger zijn dan bij gemeenten waar regiotaxi als voorziening wordt aangeboden. Gemeenten met een PGB waren per Wmo-geïndiceerde gemiddeld ruim vier keer zoveel kwijt. 
Het PGB biedt als voordeel dat Wmo-ers de vrijheid hebben zelf het voor hen beste vervoermiddel te kiezen. Echter vaak is de vergoeding niet direct gekoppeld aan de vervoerprestatie. Iemand ontvangt geld maar doet er wat anders mee dan zich verplaatsen.

Wmo-ers die echt het vervoersbudget nodig hebben om zicht los van het openbaar vervoer te kunnen verplaatsen zijn nu vooral aangewezen op de gewone taxi.  Het PGB bedrag zeker onvoldoende om 1500 kilometer met de taxi te reizen. Voor hen is regiotaxi een veel betere optie. Regiotaxi is een dure vervoersvorm, maar toch nog een stuk goedkoper dan de gewone straattaxi. Voor Wmo-ers blijkt regiotaxi vaak een heel geschikte vervoersoort; regiotaxi kost meer tijd maar biedt ook meer service.  Door Regiotaxi aan te bieden in plaats van een budget te verschaffen maakt een gemeente het mogelijk dat deze Wmo-vervoervorm relatief efficiënt gerund kan worden. Gemeenten die moeten bezuinigen op de Wmo zouden dus eens moeten nadenken over het aanbieden van vervoer in plaats van het aanbieden Euro's.

dinsdag 11 januari 2011

Kostenreductie bij regiotaxi; vaak mogelijk (deel 1)

Kostenbesparen bij de regiotaxi zonder dat de kwaliteit van het vervoer in geding komt; het is mogelijk. Veel gemeenten hebben in de loop der jaren de Wmo-regeling uitgebreid met allerlei extra’s. Nu budgetten onder druk staan valt het te overwegen de Wmo-voorziening weer te benutten voor waar het oorspronkelijk voor bedoeld was.
Menig gemeente kampt met een dreigend tekort binnen het Wmo-budget. Hierdoor staat de  uitvoering van de regiotaxi onder druk. De kosten voor zowel het Wmo- als OV-gebruik van de regiotaxi zijn vaak aanzienlijk. Trends zoals vergrijzing en de toenemende vraag naar zorgvervoer maken het waarschijnlijk dat in de toekomst de kosten nog zwaarder zullen drukken op de kwaliteit van de uitvoering. En dat terwijl de dagelijkse praktijk aantoont dat het lastig is regiotaxi goed uit te voeren en de Wmo-doelgroep een bijzondere kwetsbare groep is. Niet voor niets heeft de regiotaxi vaak een slecht imago. 

De aanbestedingen van de laatste jaren hebben aangetoond dat er niet veel rek zit in verdere verlagingen van de inkoopprijs per regiotaxi-zone. In regio’s waar een aanzienlijk lagere prijs uit de aanbesteding komt, lukt het vaak niet om op een aanvaardbaar niveau het Wmo-vervoer uit te voeren. Gelukkig is er vaak aan de inkomstenkant wel wat te doen en zijn in veel gemeenten extra vergoedingen buiten de Wmo om aan de regiotaxiregelingen toegevoegd die mogelijkheden tot besparingen bieden. Zo krijgen soms 65+ers en minima direct een regiotaxipas en betaald een Wmo-reiziger die een rolstoel heeft wel het normale OV tarief, maar is de vergoeding voor deze zone tweemaal zo hoog.